Kinderen moeten kunnen opgroeien in een veilige omgeving. Toch zijn er jaarlijks zo’n 100.000 kinderen slachtoffer van kindermishandeling. En de signalen daarvan zijn niet altijd even duidelijk. Naast zichtbare wonden of littekens, kan er ook minder zichtbaar misbruik plaatsvinden zoals emotionele of geestelijke verwaarlozing. Het is dan ook belangrijk om alert te zijn op signalen van kindermishandeling.
Hoe herken ik seksueel misbruik, lichamelijke of geestelijke mishandeling?
Áls kinderen al laten merken dat ze te maken hebben met huiselijk geweld of misbruik, dan doen ze dat niet allemaal op dezelfde manier. Daarom is het van belang om signalen te herkennen en in gesprek te gaan. Toch is het geen kwestie van signalen optellen. Iedere situatie is anders en ieder kind reageert anders.
In de onderstaande lijst vind je alle signalen bij het kind die mogelijk duiden op kindermishandeling. Om een beter overzicht te krijgen van de situatie, helpt het om de signalen die je herkent op een rijtje te zetten. Dat betekent niet direct dat er sprake is van kindermishandeling. Het is wel belangrijk dat je weet hoe kindermishandeling eruit kan zien, zodat je je beter een beeld kunt vormen. Kijk ook naar de signalen bij de volwassene.
Signalen bij het kind die mogelijk duiden op kindermishandeling
- Heeft vaak buikpijn, hoofdpijn of valt flauw.
- Komt plotseling aan in gewicht of valt juist af.
- Ziet er moe uit.
- Is vaak of lang ziek.
- Heeft vieze haren of een slecht verzorgd gebit.
- Heeft blauwe plekken, wonden of littekens.
- Draagt vieze of kapotte kleding en schoenen.
- Draagt een periode achter elkaar lange mouwen in de zomer.
- Leeft in ‘een eigen wereldje’.
- Wil veel aandacht of is bang om alleen te zijn.
- Neemt geen vriendjes mee naar huis.
- Is bang voor bepaalde plekken of mensen.
- Wil niet aangeraakt worden.
- Kijkt weg bij oogcontact.
- Kan (ineens) niet (meer) meekomen met leeftijdsgenoten.
- Is vaak te laat op school of zelfs afwezig.
- Voert taken uit die niet bij de leeftijd passen, zoals zware boodschappen tillen.
- Is vaak alleen.
- Heeft honger, ontbijt niet of neemt geen lunch mee.
- Is snel afgeleid.
- Is overdreven druk of juist overdreven rustig.
- Gaat vaak tegen de regels of volwassenen in.
- Is vaak overdreven vroeg of blijft lang rondhangen op school.
- Zegt negatieve dingen over zichzelf, anderen of de wereld.
- Speelt gewelddadige of seksuele situaties na.
- Plast ineens weer in bed.
- Wordt snel boos en gaat dan slaan, schoppen of bijten.
- Steelt of maakt spullen stuk.
- Gebruikt alcohol of drugs.
Wat doet de persoon die het kind slecht behandelt?
Bij mishandeling is niet altijd sprake van kwade wil. Soms zit een volwassene niet goed in zijn of haar vel en reageert dat onterecht af op het kind. Hij of zij is dan gebaat bij goede hulp of ondersteuning. Lees alle signalen bij de volwassene in geval van kindermishandeling.
