Praat met de volwassene

De kans is groot dat je niet weet of er iets aan de hand is. Als je je er veilig bij voelt, kun je daarom de volwassene eens vragen hoe het eigenlijk gaat. Misschien is er niets aan de hand, of heeft het gezin een ander probleem. Je komt er pas achter als je het vraagt. Bovendien heeft bij kindermishandeling óók de volwassene hulp nodig. Misschien is er veel stress in het gezin. Of behandelt de volwassene het kind zo omdat hij of zij denkt dat dit normaal is.

“Ben je druk? Lukt het allemaal nog wel?”

Hoe voer je een goed gesprek met de volwassene?

  • Maak het gesprek niet te groot of serieus. Stel bijvoorbeeld voor een ‘kopje koffie’ te drinken.
  • Luister goed naar de ander en stel open vragen: ‘hoe gaat het?’ In plaats van: ‘het gaat niet zo goed, of wel?’
  • Noem niet de signalen op die je hebt gezien, maar stel open vragen. Hopelijk vertelt de ander dan zelf over wat er aan de hand is.
  • Toon begrip en oordeel niet over wat de ander vertelt.
  • Kun je de ander helpen met zijn of haar probleem? Bijvoorbeeld door een keer een middag op de kinderen te passen? Een klein gebaar kan al veel steun geven.
  • Kom later nog eens op het gesprek terug, misschien kun je dan iets anders voor de ander betekenen.

“Ik zei tegen de buurman dat ik soms hoor dat er wat spanning is thuis, en dat hij altijd een bakkie kan komen doen” - Paul

Past praten met de volwassene niet bij je situatie?

Is praten met de volwassene geen optie, bijvoorbeeld omdat je je onveilig voelt? Of kom je niet verder? Ook als je niet zeker weet of het om kindermishandeling gaat, kun je altijd Veilig Thuis bellen voor advies. Of kijk wat je nog meer kunt doen.